Nieuws

Evaluatie programmaraad BCNZ mei 2006

Programmaraad

Programmaraad BCNZ

Bergschenhoek / Capelle aan den IJssel / Nieuwerkerk aan den IJssel / Zevenhuizen-Moerkapelle

Op verzoek van het ambtelijk apparaat geven wij hieronder een evaluatie van het werk en de werkwijze van deze programmaraad met haar mogelijk- en onmogelijkheden vanaf de oprichting in 2004 tot heden.

Deze evaluatie zal bestaan uit een aantal onderdelen.

1. Werkwijze

2. Adviezen

3. Relatie met Casema

4. Samenstelling

5. Financiën

6. Conclusies en aanbevelingen

Wij zijn met u van mening dat het goed is om een aantal zaken nogmaals te benadrukken omdat zij zeer van belang zijn voor het functioneren van de programmaraad nu en in de toekomst. Aan de andere kant vinden wij dat de jaarverslagen die tot nu toe zijn gemaakt een getrouwe kopie zijn van datgene wat de raad in de afgelopen jaren heeft ondervonden en gedaan.

Op en na de kennismakingsbijeenkomst in juni 2004 bleek al gauw dat de meeste van de pas benoemde leden geen ervaring hadden met media, niet goed wisten wat er van hun verwacht werd en ook weinig mogelijkheden hadden om goed te kunnen functioneren.

Gelukkig was er 1 lid, de latere voorzitter, die ruime ervaring had op mediagebied en bereid was om de boel op te starten.

Hij zorgde ervoor dat er contact werd gelegd met de stichting Kabelraden.nl die op dat moment bezig was met het maken van een handboek voor programmaraden waarin o.a. de werkwijze wordt omschreven waaraan de programmaraden zich dienen te houden. Dit handboek is nu en in de nabije toekomst de leidraad voor de werkwijze van de programmaraad.

Nog voordat de raad daadwerkelijk adviezen ging produceren, bleek de persoonlijke aansprakelijkheid van de leden een probleem, dat na een aantal gesprekken met gemeentebesturen en ambtenaren uiteindelijk min of meer is opgelost. Echter, o.i. dient deze oplossing ook tot uitdrukking te komen in de verordeningen.

In tegenstelling tot hetgeen in de verordeningen staat is 4 het minimale aantal noodzakelijke vergaderingen.

Minimaal omdat bij een correcte werkwijze om juridisch niet in de fout te gaan, bij een uitgebracht advies voor radio en tv minstens 4 vergaderingen nodig zijn:

1 x voor een voorlopig advies radio

1 x voor het definitief vaststellen van het advies na binnengekomen reacties

1 x voor een voorlopig advies tv

1 x voor het definitief vaststellen etc

Daarbij is gebleken dat bij een radioadvies veel aanbieders zich willen presenteren. Dit blijkt niet te kunnen op een avond waarbij ook moet worden gediscussieerd over het advies. Door tijdgebrek kan dan een en ander niet meer zorgvuldig genoeg worden behandeld. In het afgelopen jaar heeft zich dat voorgedaan maar zal o.i. volgende keer niet meer mogen gebeuren. Dat brengt het totaal aan officiële vergaderingen jaarlijks al op 5.

Bovendien zouden aanvullende besloten (deel)vergaderingen de onderlinge communicatie en de samenwerking kunnen verbeteren.

Omdat er geen administratieve ondersteuning is geregeld beperkt het werk van voorzitter en secretaris/penningmeester zich niet tot de vergaderingen. Behoudens de voorbereiding van de vergaderingen en het maken van allerlei verslagen, evaluaties, brieven en e-mail om de burgers correct op hun vragen te beantwoorden, moeten zij ook regelmatig aanwezig zijn op bijeenkomsten van Casema, Kabelraden en Gemeenten (denk aan TV Rijnmond/TV West) om voeling te houden met de veranderingen en kennis te nemen van problemen die zich landelijk ook naar deze regio vertalen. Met deze hoeveelheid werk is geen rekening gehouden in de verordeningen.

Op korte termijn kan daardoor het werk van de raad stil gaan liggen omdat het dagelijks bestuur niet op die manier verder wenst te functioneren.

(Voor verdere informatie over ondersteuning verwijzen wij u naar bijlage 1 van het handboek.)

Binnen de mogelijkheden die de wet stelt tracht de raad een zo’n pluriform mogelijk advies te geven. Deze mogelijkheden zijn weliswaar zeer minimaal maar dat ligt ook aan de opstelling van de kabelexploitant waarbij tot op heden is gebleken dat deze zich vaak zeer klantonvriendelijk opstelt. Het zou beter kunnen gaan als de kabelexploitant een goede mix zou kunnen vinden tussen hun economische motieven ( een zo’n groot mogelijke winst) en een bewuste klantenbinding door het geven van een luisterend oor. Dus meer van aanbod naar vraaggericht. Of wel van omzetmaximalisatie naar klantmaximalisatie.

Voor de manier van het tot stand komen van de adviezen verwijzen wij u weer naar het handboek.

Samenwerking met Casema

De programmaraad heeft vanaf haar start getracht zo open mogelijk met de vertegenwoordiger van Casema te communiceren. Het uitwisselen van informatie t.b.v. elkaars functioneren is geen probleem. Het met elkaar tot overeenstemming komen rekening houdend met ieders belang is zeer moeilijk zo niet onmogelijk. Dit ligt niet aan de persoon cq vertegenwoordiger van Casema waarmee de raad te maken heeft, maar aan het beleid dat hij namens de betrokken kabelorganisatie moet uitvoeren. In de afgelopen jaren is herhaaldelijk gebleken dat het beleid van een aantal kabelmaatschappijen niet al te klantvriendelijk is, hetgeen heeft geresulteerd in een aantal rechtszaken. Ook op dit moment speelt nog in den lande een zaak m.b.t. Casema.

In de afgelopen periode is dat ook in deze regio een aantal malen gebleken. Allereerst met de onduidelijkheid m.b.t. de vernieuwing van het kabelnet van Zevenhuizen-Moerkapelle hetgeen ook problemen gaf m.b.t. de advisering en recent met het probleem TV Rijnmond/TV West in Nieuwerkerk a/d IJssel en Zevenhuizen-Moerkapelle.

Samenstelling programmaraad

In de programmaraad, die min of meer evenredig, naar bevolkingsaantal is samengesteld hebben de zittende leden veelal een verschillende achtergrond. Sommigen hadden al bestuurservaring een aantal moest het spel nog aanleren.

Een probleem is wel dat niemand op de hoogte is gebracht hoe dit spel moest worden gespeeld. Dat aanleren van de basiskennis om te kunnen functioneren als raad is mede bemoeilijkt door een verordening die niet aansloot op de werkelijke situatie. Dit is geen verwijt aan het ambtelijk apparaat maar heeft het in het begin wel heel moeilijk gemaakt om de doelstelling van deze raad te kunnen verwezenlijken. Mede daardoor is een lid afgehaakt die de hoeveelheid werk in relatie tot zijn verwachting veel te hoog vond. Behoudens het probleem om ook de leeftijdsopbouw in de programmaraad in overeenstemming te brengen met de demografische opbouw van de gemeenten is er dus ook het probleem van een hoeveelheid werk die niet in overeenstemming is met de verwachtingen bij de start van de raad. Daarbij komt ook nog het probleem van het ontbreken van enige vorm van administratieve ondersteuning. (Zie ook bij werkwijze.) Intern heeft men daar voorlopig een oplossing voor gevonden door binnen het werkbudget een hogere vergoeding te geven aan het Dagelijks Bestuur i.v.m. hogere onkosten en een veel groter tijdsbeslag. De manier waarop men nieuwe leden in de toekomst zal moeten werven, is mede afhankelijk van welke functie men in de raad moet gaan bekleden en de emolumenten daarvoor.

Al gauw bleek dat het budget in normale omstandigheden niet toereikend is om aan de doelstelling van de programmaraad, gelet ook op de wettelijke voorschriften, te voldoen. Nog afgezien van het feit dat de raad geen enkele financiële ruimte heeft om enig onderzoek te doen om de stem van de burger beter te horen en te interpreteren.

Een aanpassing van het budget aan hetgeen de programmaraad minimaal heeft begroot is dus zeer noodzakelijk. Indien dit niet gebeurt, bestaat de mogelijkheid dat de raad niet meer zal kunnen functioneren door het afvallen van enkele leden of doordat leden vrijwillig op zich genomen extra taken neerleggen.

(Voor een voorbeeld van minimale onkosten van een programmaraadslid zie bijlage 10 van het handboek.)

Conclusies en aanbevelingen

a: Voor het werk van de raad is het handboek programmaraden leidinggevend.

b: Verordeningen dienen in overleg te worden aangepast op de werkelijke situatie.

c: In de verordeningen dienen de taken van het DB die groter zijn dan die van de overige leden beter te worden vastgelegd.

d. Bij werving van leden resp. bestuursleden dienen hun taken expliciet aan de orde te worden gesteld.

e: Het tot stand komen van adviezen gebeurt in de lijn van het handboek.

f: Samenwerking met Casema is op een aantal punten problematisch.

g: De samenstelling van de programmaraad wordt bemoeilijkt door het verschil in functies, verdeling van (deels onverwachte) werkzaamheden en het aantal gemeenten waarbij niet in elke gemeente altijd eenzelfde gedachtegang speelt. Het functioneren wordt mede bemoeilijkt door gebrek aan tijd voor onderlinge communicatie zowel bij gemeenten als bij de leden zelf.

h: De financiën dienen te worden aangepast aan de werkelijke situatie in de lijn van het laatste begrotingsvoorstel van de programmaraad en deze evaluatie.

i: In verband met de niet verwachte hoeveelheid administratieve werkzaamheden die aan het werk van de programmaraad vastzitten, dient er op zeer korte termijn externe administratieve ondersteuning te worden geleverd.

w.g. w.g.

N.F.W. Donker F.W.M. Mol

voorzitter secretaris a.i./penningmeester

Bron: http://www.programmaraadbcnz.nl/?news/own/message/17

Reacties:

Er is nog niet gereageerd, wilt u reageren? Vult u dan het onderstaande formulier in.

Reageer

Let op: verplichte velden zijn gemarkeerd (*)

Code invoeren
Neem deze code over in het onderstaande veld
Algemeen
Mail toekomstige reacties naar mij.