Rapporten en onderzoeken

Wetsgeschiedenis

In 1996 kwam de regering met een voorstel voor wijziging van de mediawet in verband met de liberalisering van de mediawetgeving. Zij stelden voor dat de kabelexploitant een aantal verplichtingen had wat betreft zenders die ze moesten doorgeven. In het voorstel is geen invloed van de consument op het kabelpakket.



Wetsvoorstel

Artikel 82i

De programmas die de beheerder van een draadomroepinrichting

krachtens artikel 22e van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen

ten minste uitzendt, zijn:

a. de programmas van de instellingen die zendtijd hebben verkregen

voor landelijke omroep;

b. de programmas van de instelling die zendtijd heeft verkregen voor

regionale omroep, bestemd voor de provincie waarbinnen de

draadomroepinrichting zich bevindt;

c. de programmas van de instelling die zendtijd heeft verkregen voor

lokale omroep, bestemd voor de gemeente waarbinnen de draadomroepinrichting

zich bevindt;

d. de televisieprogrammas van de Nederlandstalige landelijke

Belgische openbare omroepdienst;

e. zes andere televisieprogrammas van openbare omroepdiensten uit

drie of meer lidstaten van de Europese Unie of andere staten die partij zijn

bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte,

waaronder in ieder geval een Duitstalig, een Franstalig en een Engelstalig

programma;

f. twee radioprogrammas van de Nederlandstalige landelijke Belgische

openbare omroepdienst;

g. zes andere radioprogrammas van openbare omroepdiensten uit drie

of meer lidstaten van de Europese Unie of andere staten die partij zijn bij

de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte,

waaronder in ieder geval een Duitstalig, een Franstalig en een Engelstalig

programma.

Download 410_28408_1996-1997_1_zonder_programmaraden.pdf

Memorie van Toelichting

Download 411_28408_1996-1997_3_memorie_van_toelichting_zonder_programmaraden.pdf

Verslag

Uit het verslag van de kamer komt het volgende naar boven...

Download 413_24808_1996-1997_wijziging_mediawet.pdf

Nota naar aanleiding van het Verslag

Download 414_28408_1996-1997_5_mediawet_eerst_programmaraden.pdf

Nota van wijziging

Naar aanleiding van het verslag wordt in deze nota van wijziging van het verslag de wettelijke verplichting voor het hebben van een programmaraad geregeld.



In de toelichting staat het volgende:

De programmaraad is het orgaan dat de kabelbeheerder adviseert over

de samenstelling van het verplichte pakket van 15 televisiekanalen en 25

radiokanalen (zie de toelichting op onderdeel F, artikel 22e).

Het advies van de programmaraad weegt zeer zwaar. Slechts om

zwaarwichtige redenen kan de kabelbeheerder van dit advies afwijken.

Gelet op de uitzendverplichting van de Nederlandse en Belgische publieke

omroepprogrammas, betekent dit in de praktijk dat de programmaraad

zwaarwegend adviseert over 8 a` 10 televisieprogrammas en over ruim 15

radioprogrammas (de precieze aantallen hangen af van de aanwezigheid

van lokale en regionale publieke televisie respectievelijk radio, en van de

mate waarin de mogelijkheid voor kanaaldeling wordt benut).

De programmaraad kan, indien de kabelbeheerder dat wenst, ook

adviseren over de samenstelling van het feitelijk aangeboden basispakket,

indien dit groter is dan 15 televisie- of 25 radiokanalen. Het advies over

het surplus heeft echter niet hetzelfde zwaarwegende karakter als het

advies over het verplichte deel van het basispakket.

Het uitgangspunt is dat er e en programmaraad is voor elk machtigingsgebied

voor een draadomroepinrichting. Indien twee of draadomroepinrichtingen

technisch gekoppeld zijn, ligt het echter voor de hand e en

Tweede Kamer, vergaderjaar 19961997, 24 808, nr. 6 5

programmaraad voor de draadomroepinrichtingen gezamenlijk in te

stellen. Artikel 82k vormt hiervoor geen belemmering.

De leden van de programmaraad worden door de gemeenteraad

benoemd uit de kring van degenen die deskundig zijn op gebied van de

media. Leden van de gemeenteraad kunnen geen zitting hebben in de

programmaraad.

In die gevallen waarin de draadomroepinrichting (of een aantal

gekoppelde draadomroepinrichtingen) zich over het grondgebied van

meer gemeenten uitstrekt, zijn de desbetreffende gemeenteraden

gezamenlijk bevoegd.

Het zevende lid bepaalt dat de regeling inzake advisering door de

programmaraad niet van toepassing is op kabelbeheerders aan wie

krachtens artikel 22f, eerste lid, van de Wtv door de Minister van Verkeer

en Waterstaat geheel of gedeeltelijk vrijstelling is verleend een basispakket

van ten minste 15 kanalen door te geven. Het gaat daarbij om

beheerders van draadomroepinrichtingen die van zeer geringe omvang

zijn of gebruikt worden voor e en bijzonder doel.

Download 415_24808_1996-1997_6_nota_van_wijziging.pdf

Reacties:

Er is nog niet gereageerd, wilt u reageren? Vult u dan het onderstaande formulier in.

Reageer

Let op: verplichte velden zijn gemarkeerd (*)

Code invoeren
Neem deze code over in het onderstaande veld
Algemeen