Jurisprudentie

Bezwaar Gelderland Oost tegen het niet invoeren van het advies per 1 april afgewezen door Commissariaat

De programmaraad Gelderland-Oost had bij brief van 27 april 2005 om bestuursrechtelijke handhaving gevraagd jegens UPC Nederland, inzake het niet op of omstreeks 1 april 2005 overgaan tot implementatie van het radioadvies van de Programmaraad Gelderland-Oost voor de periode 2005-2006. UPC voerde het advies uit per 1 juli.

Het Commissariaat is van mening dat in de mediawet artikel 82k, tweede lid, noch enige andere bepaling bij of krachtens de Mediawet gesteld, uitdrukkelijk een termijn voor waarbinnen een aanbieder van een omroepnetwerk het advies van de programmaraad moet uitvoeren.

Evenmin kan, de verplichting worden afgeleid dat de aanbieder van een omroepnetwerk de door programmaraad geadviseerde implementatiedatum dient na te leven dan wel een bepaalde implementatieperiode in acht behoort te nemen.

Gelet op deze strekking is het Commissariaat van oordeel dat van een niet naleven van het advies van de programmaraad slechts sprake is als een aanbieder onredelijk laat tot implementatie daarvan overgaat, zodanig dat in feite sprake is van het niet uitvoeren daarvan, omdat door het tijdsverloop in redelijkheid geen actualiteitswaarde meer aan het advies kan worden toegekend. In dit geval is van een onredelijk late implementatie niet gebleken. In dit oordeel heeft het Commissariaat betrokken dat UPC de implementatie slechts enkele maanden uitstelt en tot de implementatie van het nieuwe advies het vorige advies van de PGO onverkort uitvoert en UPC de geldingsperiode van n jaar in acht neemt. Bovendien was de PGO reeds voor haar advisering voor de periode 2005-2006 bekend dan wel had de PGO bekend kunnen zijn met het feit dat UPC 1 juli als implementatiedatum hanteert. Reeds begin 2003 heeft UPC de PGO te kennen gegeven dat zij de implementatiedatum van de radioadviezen zou verschuiven van 1 april naar 1 juli en dat deze verschuiving niet nmalig was, maar structureel. De PGO had bij zijn advisering voor de periode 2005-2006 hiermee rekening kunnen houden.

Voorts is van belang dat UPC geenszins aan de inhoud van het advies van de PGO en aan voormelde strekking van artikel 82k, vijfde lid, van de Mediawet tekort heeft gedaan.

De conclusie dient dan ook te zijn dat van een overtreding van artikel 82k, vijfde lid, van de Mediawet geen sprake is en het Commissariaat derhalve niet bevoegd is om handhavend jegens UPC op te treden.

Download 9436_11-07-2005_gelderland_oost.doc

Reacties:

Er is nog niet gereageerd, wilt u reageren? Vult u dan het onderstaande formulier in.

Reageer

Let op: verplichte velden zijn gemarkeerd (*)

Code invoeren
Neem deze code over in het onderstaande veld
Algemeen